Jan van Nassaustraat 21, 2596 BL Den Haag
Ma – Vr 8:30 – 17:30
post@driessenaccountancy.nl

Zwitserland wijst extra belasting voor superrijken af

De Zwitserse kiezers hebben in een referendum een voorstel om zeer vermogende inwoners zwaarder te belasten duidelijk verworpen. Maar liefst 78 procent stemde tegen het plan. Daarmee is het voorstel met ruime meerderheid van tafel.

Het initiatief ging over het invoeren van een extra belasting op grote vermogensoverdrachten. Voor nalatenschappen en schenkingen van meer dan 50 miljoen Zwitserse frank, omgerekend bijna 54 miljoen euro, zou een belastingtarief van 50 procent gaan gelden. De initiatiefnemers wilden de opbrengsten gebruiken voor een sociaal rechtvaardige aanpak van de klimaatcrisis.

Tegenstanders van het voorstel waarschuwden voor negatieve gevolgen voor de economie. Zij vreesden dat rijke inwoners door de hogere belastingdruk zouden verhuizen naar het buitenland. Dat zou er volgens hen juist toe kunnen leiden dat de totale belastinginkomsten dalen in plaats van stijgen.

Volgens eerdere peilingen was de kans op aanvaarding van het voorstel al klein. Ook de regering en het parlement van Zwitserland hadden zich uitgesproken tegen het plan. Met de uitslag van het referendum is nu duidelijk dat een grote meerderheid van de bevolking deze lijn steunt.

Voor adviseurs en vermogende particulieren onderstreept dit referendum dat Zwitserland voorlopig vasthoudt aan zijn huidige fiscale beleid en terughoudend blijft met het invoeren van extra belastingen op grote vermogens.

Bron: ANP

Brandstofaccijnzen stijgen licht om bezuinigingen op ov te voorkomen

De brandstofaccijnzen gaan per 1 januari 2026 toch omhoog. De Tweede Kamer heeft met een nipte meerderheid ingestemd met een voorstel van de ChristenUnie. Daarbij wordt een deel van het budget voor de accijnskorting gebruikt om bezuinigingen op het openbaar vervoer tegen te gaan.

Het demissionaire kabinet had voor 2026 ruim € 1,7 miljard gereserveerd om de tijdelijke korting op brandstofaccijnzen met een jaar te verlengen. Deze korting werd ingevoerd na de sterke stijging van brandstofprijzen als gevolg van de Russische inval in Oekraïne. Door de aanpassing van de Kamer blijft hiervan ongeveer € 1,3 miljard over.

Als gevolg van het besluit stijgt de accijns op benzine met 5,5 cent per liter. Voor diesel gaat het om een verhoging van 3,6 cent per liter en voor lpg om 1,3 cent. Het voorstel kreeg steun van onder meer D66, GroenLinks-PvdA, CDA, SP, Partij voor de Dieren, 50PLUS en Volt. Daarmee werd de kleinst mogelijke meerderheid behaald.

Door de wijziging van het Belastingplan 2026 komt in 2026 en 2027 bijna € 0,5 miljard extra beschikbaar voor het openbaar vervoer. Dit bedrag is bedoeld om te voorkomen dat eerdere bezuinigingen leiden tot hogere ov-tarieven of het schrappen van regionale buslijnen.

De regeringspartijen VVD en BBB zijn kritisch en noemen de ingreep onbegrijpelijk. Zij spreken van een Kamermeerderheid die zorgt voor hogere prijzen aan de pomp. CDA-leider Henri Bontenbal wijst er echter op dat de geplande bezuinigingen zonder deze maatregel zouden leiden tot een duidelijke verslechtering van het regionale openbaar vervoer, wat volgens hem eveneens een groot maatschappelijk probleem is.

Bron: ANP

Bedrijven worstelen met nieuwe regels over loonverschillen

Werkgevers maken zich zorgen over een nieuwe wet die bedrijven verplicht om openheid te geven over loonverschillen tussen mannen en vrouwen. Vanaf 1 januari 2027 moeten grote bedrijven hierover rapporteren en deze informatie ook publiceren. Dat meldt het FD. Volgens werkgeversorganisatie VNO-NCW zijn de regels ingewikkeld en zorgen ze voor veel extra administratie. Vakbond FNV is juist bang dat de wet wordt uitgesteld en waarschuwt dat vrouwen daardoor geld kunnen mislopen.

De nieuwe verplichting raakt duizenden bedrijven in Nederland. Uit berekeningen van ABN Amro, op basis van cijfers van het CBS, blijkt dat er alleen al ruim 2.000 private ondernemingen zijn met 250 of meer werknemers. Deze bedrijven moeten straks elk jaar rapporteren over de loonkloof. Grote publieke werkgevers, zoals overheden, zorginstellingen en onderwijsorganisaties, zijn in deze cijfers nog niet eens meegenomen.

De regels komen voort uit een Europese richtlijn over loontransparantie, de zogeheten Gender Pay Directive. Deze richtlijn is op 6 juni 2023 in werking getreden. EU-lidstaten moeten de afspraken uiterlijk op 7 juni 2026 hebben omgezet in nationale wetgeving. In Nederland staat de invoering gepland voor 1 januari 2027.

De voorbereiding is al in gang gezet. De internetconsultatie van het wetsvoorstel Wet implementatie Richtlijn loontransparantie mannen en vrouwen is op 7 mei 2025 gesloten. De komende periode moet duidelijk worden hoe streng de regels precies worden en hoe groot de administratieve last voor werkgevers uiteindelijk zal zijn.

Voor accountants en adviseurs is het belangrijk om bedrijven tijdig te wijzen op deze nieuwe verplichtingen. Grote werkgevers zullen hun loonstructuur en administratie goed op orde moeten hebben om aan de rapportage-eisen te kunnen voldoen.

Bron: ANP

Dertien jaar als uitzendkracht is te lang, oordeelt Hoge Raad

Een werknemer dertien jaar achter elkaar inhuren als uitzendkracht gaat te ver. Dat heeft de Hoge Raad op 21 november 2025 geoordeeld. In de zaak vroeg een uitzendkracht herhaaldelijk om een vast dienstverband, maar het bedrijf waar hij werkte weigerde dit. Een beroep op de behoefte aan een ‘flexibele schil’ is daarvoor volgens de hoogste rechter geen geldige reden.

De werknemer werkte tot 2022 bijna dertien jaar onafgebroken als productiemedewerker bij hetzelfde bedrijf, telkens via een uitzendconstructie. De Hoge Raad stelt dat zo’n langdurige inlening kan neerkomen op misbruik van de uitzendovereenkomst. Uitzendwerk is bedoeld als tijdelijke oplossing en niet als structurele vervanging van vaste banen.

Eerder gaven zowel de rechtbank als het gerechtshof het bedrijf nog gelijk. De Hoge Raad denkt daar anders over en vernietigt die uitspraken. De zaak wordt nu verwezen naar een ander hof, dat opnieuw moet beoordelen of sprake is van misbruik.

Volgens de Hoge Raad volgt uit Europese regels dat uitzendwerk daadwerkelijk tijdelijk moet zijn. Het maakt daarbij niet uit of iemand via één doorlopende opdracht werkt of via meerdere opeenvolgende contracten. Zodra het inhuren langer duurt dan redelijkerwijs als tijdelijk kan worden gezien en daar geen goede verklaring voor is, kan sprake zijn van misbruik.

Het argument van het bedrijf dat het behoefte heeft aan flexibele werknemers, wordt door de Hoge Raad van tafel geveegd. Dat is geen objectieve rechtvaardiging voor een zo lange periode van inlening. Als het hof toch van mening is dat daar in dit geval wel een goede reden voor bestond, moet dat oordeel volgens de Hoge Raad beter worden onderbouwd.

Vakbond FNV is tevreden met het oordeel van de Hoge Raad. Volgens FNV-advocaat Renée Sauer kan deze uitspraak gevolgen hebben voor veel andere werknemers die langdurig via een uitzendconstructie werken. Wel betreurt zij dat er door de verwijzing naar een ander hof nog geen duidelijke grens wordt getrokken.

In andere landen bestaat die duidelijkheid al wel. In Duitsland mag een uitzendkracht maximaal achttien maanden voor dezelfde inlener werken. De FNV pleit zelfs voor een nog kortere maximale termijn in Nederland.

Voor werkgevers en adviseurs is deze uitspraak een belangrijk signaal. Langdurig gebruik van uitzendkrachten brengt juridische risico’s met zich mee, zeker wanneer er sprake is van structureel werk zonder duidelijke tijdelijke noodzaak.

Bron: ANP