AI-kosten voor advocatenkantoren lopen snel op
De kosten voor AI-software in de juridische sector stijgen flink. Dat meldt het Financieele Dagblad. Vooral de overstap van vaste abonnementen naar een prijsmodel op basis van daadwerkelijk gebruik zorgt voor hogere kosten bij advocatenkantoren.
Legora wijzigt prijsmodel
Het juridische AI-platform Legora heeft aangekondigd dat klanten van zijn meest geavanceerde AI-oplossing voortaan betalen op basis van het gebruik in plaats van een vast maandbedrag.
Daardoor kunnen de kosten voor intensieve gebruikers aanzienlijk oplopen.
AI-uitgaven mogelijk twee tot drie keer hoger
Volgens legaltechexpert Douwe Groenevelt moeten kantoren die gebruik willen blijven maken van de krachtigste AI-modellen rekening houden met twee tot drie keer hogere kosten.
Momenteel liggen de abonnementskosten voor juridische AI-tools doorgaans tussen de € 100 en € 300 per gebruiker per maand.
Verrassing voor veel kantoren
Volgens Elgar Weijtmans, voormalig IT-advocaat en hoofd technologie bij HVG Law, komt de prijsstijging voor veel advocatenkantoren onverwacht.
Hij ziet dat steeds meer kantoren zich zorgen maken over de oplopende kosten en zich afvragen hoe zij deze kunnen blijven dragen.
Vaste abonnementen lijken te verdwijnen
Volgens de geraadpleegde deskundigen hebben inmiddels vrijwel alle advocatenkantoren AI-software ingevoerd, meestal tegen een vast bedrag per gebruiker. Dat prijsmodel blijkt voor veel leveranciers echter steeds minder rendabel.
Zij verwachten daarom dat ook andere aanbieders van juridische AI de komende tijd zullen overstappen op een ‘pay-per-use’-model, waarbij de kosten afhankelijk zijn van het daadwerkelijke gebruik.
Bron: FD
Trump dreigt met 100% invoerheffingen bij Europese digitale belasting
De Amerikaanse president Donald Trump heeft gedreigd invoerheffingen van 100% op te leggen aan Europese landen die een digitale belasting invoeren voor Amerikaanse technologiebedrijven. Dat schreef hij op zijn platform Truth Social.
Dreiging bij invoering digitale belasting
Volgens Trump bespreken meerdere Europese landen de invoering van een belasting op digitale diensten van grote Amerikaanse techbedrijven. Als een land zo’n belasting daadwerkelijk invoert, wil hij direct een invoerheffing van 100% opleggen op alle goederen die dat land naar de Verenigde Staten exporteert.
Volgens Trump geldt dat ongeacht bestaande handelsverdragen.
Kritiek op Europese digitale belastingen
Trump heeft zich eerder al fel uitgesproken tegen nationale digitale belastingen die gericht zijn op grote Amerikaanse technologiebedrijven, zoals:
Eerder dreigde hij:
- het United Kingdom met handelsmaatregelen vanwege de Britse Digital Services Tax van 2%;
- en France met hoge invoerheffingen op wijn en champagne vanwege de Franse digitale belasting van 3%.
Ook Austria kent een digitale belasting van 5% op advertentie-inkomsten van grote techbedrijven.
Europese Commissie reageert
Een woordvoerder van de European Commission laat weten dat de Europese Unie eventuele Amerikaanse invoerheffingen niet zonder reactie zal laten.
Volgens de Commissie hebben EU-lidstaten het soevereine recht om economische activiteiten binnen hun eigen grondgebied te reguleren, waaronder het invoeren van belastingmaatregelen.
Bron: ANP
Nederland en Zweden ondertekenen nieuw belastingverdrag
Nederland en Zweden hebben op 24 juni 2026 een nieuw belastingverdrag ondertekend. Het nieuwe verdrag vervangt het belastingverdrag uit 1991 en moderniseert de afspraken tussen beide landen. Dat meldt de Rijksoverheid.
Nederland mag belasting heffen over meer pensioenen
Een belangrijke wijziging is dat Nederland voortaan belasting mag heffen over alle pensioenen die in Nederland zijn opgebouwd, dus ook over pensioenen uit de private sector.
Hiermee sluit het verdrag beter aan bij het huidige Nederlandse verdragsbeleid.
Maatregelen tegen verdragsmisbruik
Het nieuwe verdrag bevat daarnaast verschillende antimisbruikbepalingen om oneigenlijk gebruik van het belastingverdrag tegen te gaan. Deze maatregelen voldoen aan de internationale minimumnormen van het OECD/G20 BEPS Project.
Verplichte arbitrage bij geschillen
Nieuw is ook een regeling voor verplichte en bindende arbitrage. Wanneer Nederland en Zweden het niet eens worden over de uitleg of toepassing van het verdrag in een concrete situatie, kan een onafhankelijke arbitrageprocedure uitkomst bieden.
Nog niet direct van kracht
Voordat het belastingverdrag in werking treedt, wordt het eerst:
voor advies voorgelegd aan de Raad van State;
en vervolgens ter goedkeuring aangeboden aan het Nederlandse parlement.
Pas na afronding van deze procedures kan het nieuwe verdrag daadwerkelijk in werking treden.
Bron: Rijksoverheid
Hogere kansspelbelasting levert staat veel minder op dan verwacht
De verhoging van de kansspelbelasting heeft de overheid aanzienlijk minder extra inkomsten opgeleverd dan vooraf was geraamd. Dat blijkt uit cijfers van de Kansspelautoriteit.
De belasting op kansspelen steeg in 2025 van 30,5% naar 34,2% en werd in 2026 verder verhoogd naar 37,8%. Met deze verhogingen wilde de overheid de belastingopbrengsten vergroten.
Opbrengst blijft ver achter bij verwachting
Voor 2025 verwachtte de regering dat de hogere belasting € 108 miljoen extra zou opleveren ten opzichte van een jaar eerder. In werkelijkheid kwam de extra opbrengst uit op slechts € 2 miljoen.
Voor 2026 was gerekend op € 216 miljoen aan extra belastinginkomsten. Uiteindelijk leverde de maatregel volgens de Kansspelautoriteit slechts € 57 miljoen extra op.
Ook minder opbrengst uit staatsdeelnemingen
Volgens de Kansspelautoriteit blijft het effect niet beperkt tot lagere belastinginkomsten. De hogere belasting drukt ook de resultaten van kansspelbedrijven waarin de overheid een belang heeft, waardoor de opbrengsten uit staatsdeelnemingen eveneens afnemen.
Daardoor valt het uiteindelijke financiële voordeel voor de overheid nog lager uit dan de belastingcijfers alleen laten zien.
Eerder al zorgen over effecten
De Kansspelautoriteit wees eerder al op mogelijke negatieve gevolgen van hogere belastingtarieven voor de kansspelsector. Volgens de toezichthouder kunnen dergelijke verhogingen de financiële positie van legale aanbieders onder druk zetten, terwijl de beoogde extra belastinginkomsten achterblijven.
Bron: Kansspelautoriteit
ABN AMRO: Europese plannen maken beleggen via bv interessanter, maar overstap vraagt zorgvuldige afweging
De Europese Commissie wil de belasting op dividenduitkeringen tussen bedrijven afschaffen. Daardoor kan beleggen via een besloten vennootschap (bv) fiscaal aantrekkelijker worden. Toch waarschuwen vermogensexperts Peter Beets en Tjarko Denekamp van ABN AMRO dat een overstap van box 3 naar een bv geen vanzelfsprekende keuze is.
Europese plannen kunnen speelveld veranderen
De Europese Commissie wil dividendstromen tussen ondernemingen vrijstellen van belasting om investeringen en innovatie binnen de Europese Unie te stimuleren.
Als deze plannen worden ingevoerd, kunnen dividenden binnen een bv onbelast worden ontvangen. Belastingheffing wordt dan in veel gevallen pas verschuldigd wanneer winst daadwerkelijk aan de aandeelhouder wordt uitgekeerd.
Verschil met nieuw box 3-stelsel
Dat staat in contrast met het voorgestelde Nederlandse box 3-stelsel, waarin jaarlijks belasting wordt geheven over de vermogensaanwas. Daarbij kan ook belasting verschuldigd zijn over nog niet gerealiseerde waardestijgingen van beleggingen.
Volgens Beets en Denekamp kan dit ertoe leiden dat ondernemers en beleggers opnieuw gaan kijken naar de vraag of vermogen beter privé of binnen een bv kan worden aangehouden.
Geen automatische fiscale winnaar
De experts benadrukken dat de bv niet automatisch de meest voordelige keuze is. Bij de afweging spelen onder meer een rol:
toekomstige wijzigingen in wet- en regelgeving;
politieke keuzes;
de beleggingshorizon;
de omvang van het vermogen;
en de totale belastingdruk over meerdere jaren.
Volgens hen gaat het daarom niet om een eenvoudige vergelijking van belastingtarieven, maar om een strategische keuze die goed moet worden doordacht.
Onzekerheid blijft
De Europese voorstellen zijn nog niet definitief en ook de Nederlandse box 3-wetgeving is volop in ontwikkeling. Daardoor blijft volgens de vermogensexperts onzeker hoe de uiteindelijke fiscale behandeling van vermogen eruit zal zien.
Bron: ABN AMRO
Ondernemers geven kabinet-Jetten zware onvoldoende
Ondernemers zijn zeer kritisch over het minderheidskabinet van premier Rob Jetten. Uit een representatieve peiling van Het Financieele Dagblad, uitgevoerd door Ipsos I&O, blijkt dat het kabinet na nog geen vier maanden regeren een zware onvoldoende krijgt.
73% van de ondernemers ontevreden
Van de ondervraagde ondernemers, voornamelijk afkomstig uit het midden- en kleinbedrijf, geeft:
73% aan ontevreden te zijn over het kabinet;
tegenover 70% van alle kiezers.
Ondernemers waarderen het kabinet gemiddeld met een 4,6 op een schaal van 10.
Kritiek op regeldruk en beleid
De belangrijkste klachten zijn:
te hoge regeldruk;
gebrek aan daadkracht;
trage en ineffectieve besluitvorming;
onvoorspelbaar overheidsbeleid.
Volgens veel ondernemers maakt die onzekerheid het moeilijk om investerings- en groeibeslissingen te nemen.
Contrast met kabinetsambities
De kritiek is opvallend omdat het kabinet juist zegt te willen werken aan een beter ondernemings- en vestigingsklimaat. In het coalitieakkoord zijn onder meer extra middelen gereserveerd voor:
woningbouw;
stikstofaanpak;
en economische versterking.
Volgens de peiling ervaren veel ondernemers daar vooralsnog weinig van in de dagelijkse praktijk.
Ontevredenheid groter dan bij eerdere kabinetten
Het onderzoek laat zien dat de waardering voor het huidige kabinet na vier maanden lager ligt dan die voor eerdere kabinetten, waaronder de kabinetten van Dick Schoof en Mark Rutte op een vergelijkbaar moment in hun regeerperiode.
Bron: FD / Ipsos I&O
Europese plannen kunnen beleggen via bv aantrekkelijker maken
De Europese Commissie komt volgende week mogelijk met voorstellen die beleggen via een besloten vennootschap (bv) fiscaal aantrekkelijker maken. Dat meldt De Telegraaf op basis van uitgelekte plannen van Eurocommissaris Wopke Hoekstra.
Volgens verschillende fiscalisten kunnen de voorstellen grote gevolgen hebben voor de Nederlandse belastingheffing op vermogen.
Afschaffing dividendbelasting tussen bedrijven
De kern van het voorstel zou zijn dat dividenduitkeringen tussen ondernemingen binnen de Europese Unie niet langer worden belast. Hierdoor zou vermogen binnen een bv eenvoudiger kunnen worden herbelegd zonder directe belastingheffing.
Volgens fiscalisten maakt dat beleggen via een bv aantrekkelijker dan privé beleggen in box 3.
Gevolgen voor box 3
Het voorstel komt op een moment dat de Nederlandse politiek discussieert over het nieuwe box 3-stelsel, waarin rendementen op vermogen zwaarder worden belast. Onder de huidige plannen worden ook niet-gerealiseerde waardestijgingen van beleggingen meegenomen in de belastingheffing.
Hoogleraar fiscaal recht Jan van de Streek stelt dat het Europese voorstel de uitgangspunten van het Nederlandse box 3-stelsel onder druk kan zetten.
Mogelijke verschuiving naar box 2
Fiscalist Peter Kavelaars ziet al langer een tendens waarbij vermogende particulieren vermogen onderbrengen in een bv. Als dividendstromen tussen bedrijven daadwerkelijk belastingvrij worden, kan die ontwikkeling volgens hem verder toenemen.
In dat geval wordt vermogen eerst belast binnen de bv (box 2-structuur) en pas wanneer geld aan de aandeelhouder wordt uitgekeerd, volgt belastingheffing bij de dga.
Nog geen definitief voorstel
De plannen zijn op dit moment nog niet officieel gepubliceerd. Pas na presentatie door de Europese Commissie wordt duidelijk:
hoe de regeling er precies uitziet;
of alle lidstaten ermee moeten instemmen;
en welke gevolgen dit daadwerkelijk heeft voor het Nederlandse belastingstelsel.
Bron: De Telegraaf
Kabinet schrapt belastingvrije personeelskorting binnen WKR vanaf 2027
Het kabinet wil de werkkostenregeling (WKR) vereenvoudigen en schrapt daarom per 1 januari 2027 de aparte belastingvrijstelling voor personeelskortingen. Volgens het ministerie van Financiën is de huidige regeling voor veel werkgevers te ingewikkeld en zorgt zij voor onnodige administratieve lasten.
Belastingvrije personeelskorting verdwijnt
Op dit moment mogen werkgevers hun werknemers jaarlijks maximaal € 500 belastingvrije korting geven op eigen producten of diensten, met een maximale korting van 20%. Deze specifieke vrijstelling vervalt vanaf 2027.
Werkgevers kunnen personeelskortingen dan alleen nog onbelast verstrekken via de algemene vrije ruimte van de WKR.
Minder administratie voor werkgevers
Het kabinet volgt hiermee een aanbeveling uit een evaluatie van SEO Economisch Onderzoek. Door het vervallen van de aparte regeling hoeven werkgevers geen afzonderlijke maxima meer bij te houden, wat de administratie eenvoudiger moet maken.
Mogelijke gevolgen voor werkgevers
Voor werkgevers kan de wijziging wel gevolgen hebben:
de beschikbare vrije ruimte moet mogelijk anders worden verdeeld;
personeelskortingen kunnen sneller leiden tot een overschrijding van de vrije ruimte;
en als de korting onderdeel is van arbeidsvoorwaarden of een cao, kan aanpassing nodig zijn.
Bij overschrijding van de vrije ruimte geldt momenteel een eindheffing van 80%.
Meer wijzigingen aan de WKR in beeld
De evaluatie bevatte nog meer voorstellen. Het kabinet heeft inmiddels besloten dat de gerichte vrijstelling voor scholing en studie definitief blijft bestaan.
Daarnaast wordt nog gekeken naar onder meer:
het afschaffen van de eerste schijf van de vrije ruimte, zodat één percentage voor de gehele loonsom geldt;
het combineren van een thuiswerkvergoeding en reiskostenvergoeding op dezelfde dag;
en een mogelijke aanpassing van het eindheffingstarief bij overschrijding van de vrije ruimte.
Besluit op Prinsjesdag
Het kabinet neemt in augustus een besluit over de overige aanbevelingen. Welke maatregelen daadwerkelijk worden doorgevoerd, wordt bekendgemaakt op Prinsjesdag.
Bron: Ministerie van Financiën
Belastingdienst stopt met gebruik BSN in betalingskenmerken
De Belastingdienst stopt uiterlijk eind 2026 met het vermelden van het burgerservicenummer (BSN) in betalingskenmerken. In plaats daarvan wordt een willekeurig gegenereerd nummer gebruikt. Dat gebeurt op verzoek van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), die na onderzoek concludeerde dat het huidige gebruik van het BSN in strijd is met de privacywetgeving.
Overtreding van de AVG
Volgens de AP is het niet noodzakelijk om het BSN op te nemen in betalingskenmerken van de Belastingdienst en de Dienst Toeslagen. Daarmee wordt volgens de toezichthouder de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) overtreden.
De AP stelt dat hetzelfde doel kan worden bereikt met een ander identificatienummer dat geen gevoelige persoonsgegevens bevat.
Willekeurig nummer vervangt BSN
De Belastingdienst heeft de bevindingen van de AP erkend en werkt inmiddels aan een aanpassing van de betalingskenmerken. Daardoor zal het BSN in betalingen worden vervangen door een willekeurig nummer dat uitsluitend dient als betaalreferentie.
Ook vorderingsnummers worden aangepast
Naast de betalingskenmerken verdwijnt het BSN op termijn ook uit de zogenoemde vorderingsnummers. De Belastingdienst heeft toegezegd uiterlijk in 2032 volledig te stoppen met het gebruik van het BSN in deze nummers.
Verhoogd toezicht
De Belastingdienst staat sinds 2024 onder verscherpt toezicht van de Autoriteit Persoonsgegevens. De privacytoezichthouder heeft de afgelopen jaren meerdere onderzoeken uitgevoerd naar de verwerking van persoonsgegevens door de fiscus.
De wijziging van de betalingskenmerken moet bijdragen aan een betere bescherming van persoonsgegevens en het beperken van privacyrisico’s.
Bron: ANP / Autoriteit Persoonsgegevens
Weinig werkgevers verhogen reiskostenvergoeding ondanks dure brandstof
Werkgevers doen vooralsnog nauwelijks iets om werknemers te compenseren voor de sterk gestegen brandstofprijzen. Slechts 5% van de werknemers heeft een hogere reiskostenvergoeding gekregen sinds het kabinet de maximale onbelaste kilometervergoeding verhoogde. Dat blijkt uit een enquête van vakbond CNV, waarover het AD bericht.
Verhoging naar € 0,25 per kilometer
Het kabinet verhoogde anderhalve maand geleden de maximale onbelaste reiskostenvergoeding van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer. Volgens het kabinet levert dat voor automobilisten een voordeel op dat vergelijkbaar is met ongeveer € 0,30 per liter brandstof.
De maatregel was bedoeld om een deel van de hogere kosten voor woon-werkverkeer op te vangen.
Werkgevers volgen nog niet
Uit het onderzoek onder ongeveer 1.800 CNV-leden blijkt echter dat de meeste werkgevers de verruiming nog niet hebben doorgevoerd. Slechts één op de twintig werknemers zegt een hogere vergoeding te hebben ontvangen sinds de maatregel werd aangekondigd.
Hoge brandstofprijzen blijven drukken
De uitkomsten komen op een moment waarop de brandstofprijzen hoog blijven en er waarschuwingen zijn dat verdere prijsstijgingen mogelijk zijn. Voor veel werknemers die dagelijks met de auto naar het werk reizen, blijven de extra kosten daardoor grotendeels voor eigen rekening.
Bron: AD