Jan van Nassaustraat 21, 2596 BL Den Haag
Ma – Vr 8:30 – 17:30
post@driessenaccountancy.nl

Geen geslaagd beroep op vertrouwen of lager loon

Een belastingplichtige had een aanmerkelijk belang in bedrijf A. Voor de jaren 2012 tot en met 2014 stelde de Belastingdienst haar gebruikelijk loon vast op respectievelijk € 42.000, € 43.000 en € 44.000.

Ook haar echtgenoot, die eveneens bij het bedrijf werkte, kreeg een correctie. Zijn loon werd aanvankelijk vastgesteld op € 108.000 per jaar, gebaseerd op 75% van het gemiddelde loon van een directeur verkoop.

Later verlaagde de Belastingdienst het gebruikelijk loon van de echtgenoot alsnog naar dezelfde bedragen als voor de vrouw: € 42.000, € 43.000 en € 44.000. De correctie voor de vrouw zelf bleef echter volledig in stand.
Bezwaarschrift en hoger beroep zonder succes

De vrouw maakte bezwaar tegen de looncorrectie, maar dat werd afgewezen. Ook haar beroep bij de rechtbank en het hoger beroep bij Hof Den Bosch hadden geen succes.

Het Hof oordeelde dat zij niet aannemelijk heeft gemaakt dat het loon in de betreffende jaren lager dan het vastgestelde bedrag had moeten zijn. Ook haar beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen.
Uitkomst

De gebruikelijkloonregeling is correct toegepast.

De belastingplichtige krijgt geen gelijk in bezwaar, beroep of hoger beroep.

Het gebruikelijk loon blijft vastgesteld op € 42.000, € 43.000 en € 44.000 voor de jaren 2012–2014.

Het hoger beroep is daarmee ongegrond verklaard.